Voortaan kun je ons volgen op Wild Plant Forager. Tot daar!

De winter is weer aangebroken, en over het algemeen worden onze voeten dan iets meer ‘geblinddoekt’ dan in de zomer. Maar zelfs in de zomer slaag ik er bijna niet in m’n sandalen aan m’n voeten te houden. Vooral niet in de vrije natuur – want hoe kun je je vrij in de natuur voelen als je je voeten gevangen houdt?
Ik heb ondertussen ook gemerkt dat ik nauwelijks nog op zoek ga naar planten in het wild zonder dat ik eerst op m’n blote voeten sta. Eerlijk: het gaat gewoon zoveel makkelijker; je hebt veel sneller door waar precies de aarde vochtiger wordt, of warmer, of zanderiger. Je kunt via je voeten veel makkelijker te weten komen waar de zon een half uur geleden zat, want je voelt meteen waar de grond nog nagloeit. Het is misschien wel de simpelste manier om planten te zoeken, vooral diegene die gebonden zijn aan een specifieke standplaats. Een zoektocht die een zintuiglijke totaalervaring wordt.

Tijdens de nazomer heb ik als een halve wilde kunnen leven van wat het land te bieden had aan wilde bladgroenten, bessen allerhande, wilde appeltjes, en de heerlijkste paddenstoelen. En precies die paddenstoelen, dat was nieuw voor me. Onder begeleiding van een goede vriend gingen we paddenstoelen ‘jagen’. Jazeker, jagen. Iedereen die ooit zelf paddenstoelen is gaan plukken, zal het beamen: het is iets heel anders. Soms lijkt het alsof ze zich verstoppen, soms kijk je ineens naar een strook aarde waar je amper vijf minuten geleden nog doelloos passeerde, en blijkt dat dan ineens vól te staan. “Eigenlijk moet je om paddenstoelen op te sporen eerst een biertje hebben gedronken”, wordt wel eens gezegd, “want daardoor vertraag je, en ben je net beneveld genoeg om ze te zien”. Dat van dat biertje, dat heb ik nog niet uitgetest, maar ik bleek op m’n blote voeten de ene na de andere te vinden…

Wat is er nu leuker dan een workshop over afrodisiaca voor te bereiden?
Isabel Allende’s “Afrodite” en Laura Esquivels “Rode Rozen & Tortilla’s” hebben niet alleen m’n liefde voor Latijns-Amerikaanse auteurs gevoed. Deze beide dames weten liefde en koken in deze twee boeken gewoonweg meesterlijk te combineren. Steeds poëtisch, doorspekt met humor, nooit plat of vulgair, en dat is een kunst.
Als voorsmaakje: Allende’s 1001-nacht-wortelsoep, aangeraden door Arabieren om de hele nacht door de liefde te kunnen bedrijven…
2 grote winterpenen
2 koppen groentenbouillon of 1 ½ kop bouillon en ½ kop sinaasappelsap
1 kruidnagel
1 kaneelstokje
1 stukje gember
1 snuifje kardemom
1 snuifje nootmuskaat
peper/zout
1 theelepel honing
4 eetlepels room
Snij de winterpenen in stukken en breng ze samen met de bouillon en de specerijen aan de kook.
(Zelf vind ik het ‘t makkelijkst de specerijen eventueel fijn te snijden en ze in een thee-eitje mee te laten koken. Zo kun je ze achteraf gemakkelijk verwijderen).
Laat sudderen tot de wortelen zacht zijn geworden.
Haal de soep van het vuur.
Verwijder de specerijen, voeg de honing en room toe, en mix de soep met een staafmixer.
Geniet van de soep in goed gezelschap

Net uitgevonden, en door de gasten goedgekeurd: Glühria!
Een soort kruising tussen traditionele Glühwein en fruitige sangria.
-Je kan het dus gerust ook Sangriwein noemen, als daar je voorkeur naar uitgaat
-
Om in ‘t hart van de winter wat op te warmen en alvast van een vleugje zomer te dromen.
Wat hebben we nodig?
½ l water
2 eetlepels veenbessen
1 (stoof)peer of (stoof)appel, in stukjes gesneden
2 biologische sinaasappelen, in stukjes gesneden (met schil)
4 kruidnageltjes
1 kaneelstokje
1 liter rode wijn
150 g rietsuiker (of meer of minder, volgens smaak)
Bereiding:
Breng het water met het fruit en de specerijen aan de kook en laat het 45 minuten trekken.
Voeg de suiker en de wijn toe en laat nog even op het vuur staan (niet laten koken).
Giet door een zeef en serveer in hittebestendige glaasjes versierd met een schijfje sinaasappel. Gebruik een stokje kaneel als roerstaafje.
Een alcoholvrije variant krijg je door de wijn te vervangen door bosbessensap of rode druivensap (of een mengsel van beide). Hiervoor heb je meestal minder suiker nodig.
Ook heel lekker met een scheutje vlierbessensiroop…